POËZIE

 

En dat je dan opnieuw

 

Ik wil je vertellen over de keer dat mijn hond verdronk
in het meer en hoe ik hem nog elke nacht naar lucht
zie happen. En dat het dan niet uit maakt dat er nooit
een hond was, omdat ik een verhaal had alleen voor jou.

Ik wil niet dat je zegt dat het gaat regenen vandaag
maar dat je beloftes doet die je gaat breken: dat
niemand ooit dood en jij mij geen pijn en voor altijd wij
in de supermarkt tussen goedkope flessen wijn.

Dat we olijven eten tot we ze lekker vinden en al ons naakt
onfunctioneel. Want niets is waar genoeg om uit te maken
maar als ik me aan je breek wil ik er gips omheen
en dat je dan opnieuw

 

 

 

 

Plekken waar het misgaat

 

We zitten op het dak en denken
als we het verschil tussen dicht en te dicht
bij de rand maar zouden weten.

We proberen woorden te verzinnen
voor het moment vlak voor je breekt
bij gebrek aan beter noemen we elkaar astronaut.

Ik zeg: op sommige dagen raak ik nog steeds
in elk winkelcentrum mijn moeder kwijt.

Het liefst zou ik navelstrengen verzamelen
ik zou ze bewaren op de plekken waar het misgaat:
tussen dode vetplanten
in een lege agenda.

In plaats daarvan leren we
op hoeveel verschillende manieren een koffiekopje
kan breken op de keukenvloer.

Het is niet erg:
ooit zal elk kopje het opgeven.

Dus gooi jezelf voorzichtig van de rand
ik vond een klein heelal tussen je lichaam
en alle dingen waar het aan kapot gaat.

 

 

 

 

 

Woorden die niet gezegd woorden

 

Soms kunnen woorden die niet worden gezegd
langzaam opzwellen, tot wel twee keer hun eigen formaat.

Zoals de gummibeertjes die we in wodka laten weken
om tijdens het dronken worden ook onze kindertijd op te eten.

Je ging je vingers trainen.
Je pakte alles op wat in je handen past en kneep erin
je drukte duim op wijsvingers tot de vingers rood
en de nagels wit zagen.

Je zei: op een dag zal ik nooit meer los hoeven laten.

Woorden die ik had willen zeggen: hoe we elkaar tegen de muur
gooiden als pasta om te kijken of we gaar waren
en hoe ik wilde dat ik was blijven plakken.

Of je aan me denkt tijdens het eten en hoe alles breekt
in het moment tussen worden en geweest.